Informatietechniek in het kantoor

ervaringen in zeven organisaties

Datum 1 januari 1983
Toekomstonderzoeker

Voorwoord

De veelzijdige technische mogelijkheden en de maatschappelijke consequenties van de ontwikkelingen in de micro-elektronica hebben de Stichting Toekomstbeeld der Techniek de laatste jaren ge├»nspireerd tot het ondernemen van een vijftal verkennende studies. Achtereenvolgens waren dat 'Arts en gegevensverwerking' (1979), 'Distributie van consumentengoederen' (1980), 'Micro-elektronica in beroep en bedrijf' (1981), 'Automatisering in de fabriek' (1983) en 'Gebruikersvriendelijkheid van informatiesystemen' (1983). Bij al deze projecten heeft de Stichting zich als doel gesteld: het geven van een samenhangend beeld van de mogelijke technische ontwikkelingen op een breed terrein, met aanduiding van daarbij spelende sociale, economische en organisatorische vraagstukken, alsmede het presenteren van beleidsopties.

De projectgroep van externe deskundigen die de thans voorliggende publikatie heeft gerealiseerd, heeft deze studie ondernomen als een vervolgactiviteit op de studie 'Micro-elektronica in beroep en bedrijf'. Daarin was deze groep verantwoordelijk voor de deelstudie' Het Kantoor'. Dat de projectgroepleden, na het afsluiten van het project, tegen de gewoonte in als groep zijn blijven voortbestaan, heeft twee redenen. De projectgroep zag de mogelijkheid de studieresultaten zinvol verder uit te werken. Bovendien hadden de leden behoefte aan een verdere uitwisseling van inzichten en daarmee het verbeteren van de visie op kantoorinnovatie in het eigen bedrijf.

In deze studie worden de problemen bij invoering van elektronische hulpmiddelen in het kantoor beschreven aan de hand van praktijkvoorbeelden. De gekozen voorbeelden zijn afkomstig uit de bedrijven waarin de projectgroep leden werken. De aandacht is in het bijzonder gericht op de invloed van huidige ontwikkelingen in de informatie- en communicatietechniek op de organisatie en het management in een kantoor. De publikatie ontleent haar waarde vooral aan de praktijkervaringen. De Stichting verwacht dat een dusdanig geillustreerde visie op de automatisering en informatisering van het kantoor een belangrijke steun is voor hen die op enige wijze met deze problematiek worden geconfronteerd. Dit geldt zowel voor het ontwikkelen van een beleidsvisie op de automatisering en informatisering zelf, als voor de begeleiding van de introductie en het voorkomen van knelpunten daarbij.

De Stichting is grote dank verschuldigd aan alle deskundigen die belangeloos hebben bijgedragen aan deze studie. Het blijven voortbestaan van deze projectgroep ziet de Stichting als een erkenning van haar functie als platform voor discussie. Bijzondere dank is de Stichting verschuldigd aan drs. F.l.G. Fransen die de samenstelling van de publikatie belangeloos op zich heeft genomen.

dr.ir. A.E. Pannenborg
voorzitter

Omslag van de publicatie

-

Met dank aan Delft University Press