Het verkennen van de toekomst: de STT-aanpak

STT maakt lange termijn toekomstverkenningen waarin ze onderzoekt hoe technologische ontwikkelingen en maatschappelijke behoeften interacteren. STT doet geen voorspellingen maar beschrijft alternatieve toekomstbeelden. De primaire doelgroep van STT zijn de leden van haar Algemeen Bestuur. De secundaire doelgroep zijn maatschappelijke organisaties, bedrijven en kennisinstellingen en iedereen met een gezonde interesse in de toekomst. De eindresultaten van de verkenningen van STT zijn zeer divers: rapporten, artikelen, films, games en/of concepten.

De doelen

STT heeft met haar verkenningen vier gebruiksdoelen voor ogen:

1

Informeren: welke verkenningen van de toekomst zijn er? Wat weten we van deze verkenningen?

2

Inspireren: wat kunnen we ons voorstellen over de toekomst? Welke nieuwe ideeën ontstaan aan de hand van de ontwikkelde toekomstverkenningen?  

3

Agenderen: welke nieuwe onderwerpen worden in de toekomst belangrijk? Waarover moeten we gaan nadenken?

4

Adviseren: wat moeten we doen om voorbereid te zijn voor de toekomst?

De gebruiksdoelen 1, 2 en 3 zijn voor iedere doelgroep van toepassing. Gebruiksdoel 4 is voor iedere organisatie in meer of mindere mate verschillend. Het vraagt een apart proces om de vertaling van de STT-verkenning te vertalen naar een organisatie-specifiek advies.    

De fasen van de aanpak

De toekomstverkenningen van STT doorlopen eerst een analytische fase, vervolgens een creatieve en, last but not least, een impact-fase.

In de analytisch fase worden een of meer van de volgende stappen gezet:

–         

Deskresearch; het is belangrijk om te weten welke toekomstverkenningen er al gedaan zijn over het onderwerp. De uitkomsten van andere toekomstverkenningen worden daarom meegenomen als input voor de verkenning. Het gaat hierbij om zowel wetenschappelijke als meer populaire publicaties. Ook eerdere publicaties van STT en van haar leden kunnen interessant en relevant zijn. Voor de specifieke stappen van de deskresearch kan gebruik worden gemaakt van de ‘meta-analyse’ ontwikkeld door Susan van ’t Klooster en Patrick van der Duin (zie Appendix A).

–         

Interviews: gesprekken met deskundigen zijn een andere manier om informatie en kennis over de toekomst te verzamelen. Voor het opstellen van alternatieve toekomstbeelden is het belangrijk om niet alleen de ‘usual suspects’ te bevragen maar ook experts met een ‘exotische’ opvatting. Voor een handleiding voor het interviews Appendix B.

–         

Delphi-survey: dit is een minder ‘open’ maar wel efficiënte manier om experts te raadplegen. Deze tool kan in het project worden ingezet zodra de meest belangrijke aspecten van de verkenning benoemd zijn. In de Delphi kan vervolgens de mening daarover van experts gepeild worden. Door de Delphi in te zetten om de opinies van de AB-leden van STT in kaart te brengen, worden de AB-leden bij de verkenningen van STT betrokken. In Appendix C staat kort beschreven hoe een Delphi-studie kan worden uitgevoerd.

Stappen in de creatieve fase:

Workshops: door mensen met verschillende expertises en achtergronden (zoals YoungSTT leden) bij elkaar te brengen en samen te laten praten en nadenken ontstaan nieuwe inzichten over hoe de toekomst zich zou kunnen ontvouwen. In de workshops kunnen verschillende werkvormen worden toegepast. In Appendix D staat een aantal principes beschreven van het organiseren en faciliteren van workshops.

Verbeelding: het verbeelden van de toekomst is zowel een bron van creativiteit als ook een manier om de creativiteit en de verscheidenheid aan toekomstbeelden te laten zien. Vormen van verbeelding zijn: korte animaties, film(documentaire), games, mock up’s en concepten, kunstwerken.

Stappen in de impact fase:

In de slotpagina’s van het rapport wordt benoemd hoe en in welke mate de toekomstbeelden bijdragen aan de vier gebruiksdoelen: informeren, inspireren, agenderen en adviseren. 

Rondetafelgesprekken: voor invulling van vooral het vierde gebruiksdoel zijn extra gesprekken nodig, bij voorkeur met meerdere organisaties om de tafel zodat ze elkaar kunnen inspireren bij het vertalen van de toekomstverkenningen naar de eigen situatie.

Toekomstverkenningen zijn geen doel op zich maar een middel om tot innovatie of nieuw strategisch beleid te komen. Hierboven hebben we vier gebruiksdoelen geformuleerd die samen de impact vormen die we beogen te realiseren. Deze impact komt niet vanzelf tot stand.. Hiervoor kunnen workshops worden gebruikt en in het bijzonder ‘ronde tafels’, een soort expert-bijeenkomsten waarin de toekomstbeelden bediscussieerd worden. Voor het creëren van impact is het noodzakelijk dat de toekomstbeelden zo concreet mogelijk worden beschreven.  

Schematisch ziet het STT-proces er als volgt uit:
Schematisch proces STT-toekomstverkenning

Dit proces is een lineair proces maar kan ook iteratief worden gebruikt omdat het soms zinvol is om een fase terug te gaan.

De organisatie

Toekomstverkenningen door STT vinden plaats op projectbasis. Ze duren anderhalf jaar en de hoofdverantwoordelijke is een toekomstverkenner in dienst van STT. De toekomstverkenner wordt bijgestaan door een stuurgroep (of klankbordgroep) die als taak heeft om de toekomstverkenner te coachen, relevante informatie te geven en kritisch mee te denken met (voorlopige) tussen- en eindresultaten. Een stuurgroep bestaat gemiddeld uit 12 personen waarvan 1/3 tot de helft afkomstig is uit het Algemeen Bestuur van STT en de overige deelnemers externe deskundigen zijn. De voorzitter van de stuurgroep is meestal een lid van het Algemeen bestuur van STT.    

Typeringen van STT-toekomstverkenningen

STT heeft de afgelopen 50 jaar veel verschillende toekomstverkenningen gemaakt. Over onderwerpen zoals energie, ICT, kennissystemen, gezondheidszorg, ‘big data’, onderwijs en nog veel meer. De dominante benadering van de toekomst is om tot meerdere toekomstbeelden (scenario’s) te komen. Daarnaast gebruikt STT ook andere manieren. Grofweg kunnen we vier verschillende typen onderscheiden:

1

De ‘klassieke’ scenario’s waarbij op basis van een trendanalyse de onzekere en belangrijke trends worden uitgewerkt tot (vier) scenario’s. Voorbeeld: de toekomst van agro&food (STT81).

2

De horizonscan-benadering waarbij naar de verre toekomst van vele domeinen wordt gekeken op zoek naar mogelijke ‘signals for change’ die onze toekomst drastisch kunnen beïnvloeden. Voorbeeld: de Horizonscan 2050 (STT80).

3

De expert-benadering waarbij experts worden gevraagd hun licht te laten schijnen over de toekomst van een onderwerp en waaruit verschillende toekomstvisies naar voren komen. Voorbeeld: de toekomst van ‘Big data’ (STT86)).

4

Een combinatie van backcasting en scenario’s waarbij van een vast punt in de toekomst wordt teruggekeken naar de manier waarop dat is bereikt via verschillende scenario’s en transitiepaden. Voorbeeld: energie in 2050 (STT87).

Appendix A: Deskresearch

Appendix B: Interviewen

Appendix C: Delphi-studie

Appendix D: faciliteren van workshops