Iedereen uniek?!

7 november 2015

Dit najaar is STT gestart met een verkenning over De mens van 2050. DE mens. Over wie hebben we het dan? Over Jan Modaal? Over Dunya Doorsnee? En gaat het dan vooral om Jan of Dunya als fysieke verschijningen? Of ook om andere aspecten? Wat zij zoal doen om in hun levensonderhoud te voorzien bijvoorbeeld, of wat hun normen en waarden zijn. En hoe zit het met hun gevoel voor humor, schoonheidsidealen, ambities?

DE mens van 2015 bestaat niet. We zijn allemaal uniek, en persoonlijk hoop ik dat dat zo blijft. Ook in 2050. Maar wat maakt ons nu uniek? Ons DNA? Of is er meer? Grote denkers steggelen al eeuwen over wat nu maakt dat u u bent en ik ik. Ze zijn er nog altijd niet uit.

Wat bepaalt iemands identiteit?

Er zijn verschillende manieren om naar identiteit te kijken. Ik noem hier heel korte enkele bekende perspectieven gebaseerd op een artikel van Joshua Farris. Tim Urban geeft in zijn blog een vergelijkbaar overzicht.

Om te beginnen is er de zogenaamde body view. De aanhangers van dit perspectief veronderstellen dat – de naam zegt het al – ons lichaam bepalend is voor onze identiteit. De aanhangers van de brain view daarentegen gaan ervanuit dat onze hersenen bepalend zijn voor wie wij zijn. Het lichaam is in dit perspectief niet meer dan een omhulsel, een vervoermiddel  van het brein. Een beetje in het verlengde van de brain view liggen de memory and character continuity views. Inderdaad, voor deze perspectieven geldt dat het (continue) geheel van herinneringen en/of karaktereigenschappen bepaalt wie wij zijn.

Tot zover de perspectieven met begrijpelijke namen. De zogenaamde simple view doet zijn naam minder eer aan. Dit perspectief draait om het idee dat iemands identiteit wordt bepaald door de ziel. Die ziel staat niet los van het lichaam, de hersenen, karaktereigenschappen en herinneringen, maar is wel iets anders. Wat dan precies is mij niet helemaal duidelijk. Simpel is dan ook niet per se het eerste dat in mij opkwam. Maar alles is relatief. Want er is ook nog zoiets als de not-so-simple-view. Die draait om het idee dat het perspectief dat wij op onszelf hebben ons maakt tot wie wij zijn. Volgt u het nog?

Toch geven de verschillende perspectieven goede aanknopingspunten voor het nadenken over technologie en de mens van 2050. Neem bijvoorbeeld protheses en kweekorganen. Maken lichaamsvreemde delen in ons lijf ons tot andere mensen? En maakt het dan nog uit of zo’n lichaamsdeel met onze eigen lichaamscellen is gekweekt? En hoe zit het met technologieën die onze herinneringen beïnvloeden? Welke gevolgen hebben die voor ons zijn? Ben ik nog wel ik als ik lichaamsvreemde herinneringen in mijn geheugen heb?

Naar concrete toekomstbeelden

Maar de perspectieven hebben helaas ook een belangrijk nadeel. Ze zijn niet zo bruikbaar bij het concretiseren van mogelijke toekomsten. De tijdshorizon van de verkenning maakt al dat het een uitdaging is om tot concrete toekomstbeelden te komen en ik vraag me af of een bijeenkomst met als thema Invloed van nieuwe technologie op de not-so-simple-view op de mens bruikbare resultaten oplevert. Daarmee wil ik niet zeggen dat filosofen niet welkom zijn. Absoluut niet zelfs. Wij betrekken bij onze activiteiten graag mensen met een filosofische inslag, maar net zo graag mensen die niets met filosofie hebben. Juist de variatie maakt de discussies interessant.

En stiekem is de uiteindelijk gekozen insteek voor dit project toch ook gebaseerd op het werk van filosofen. Weliswaar een beetje vrij vertaald, maar toch. Ik heb mij namelijk laten leiden door de leer van “modale aspecten van artefacten” van de heren Dooyeweerd en Vollenhoven. Die leer gaat over welke eigenschappen nu maken dat de dingen om ons heen zijn wat ze zijn. Ze zijn ingedeeld in fysieke eigenschappen (chemisch, biotisch etc.) en functionele eigenschappen (psychisch, economisch etc.). Ze vormen een mooie basis voor het nadenken over mogelijke gevolgen van technologie voor de mens van 2050. Maar zoals gezegd, wel vrij vertaald.

Binnenkort kunt u dus een uitnodiging verwachten voor een bijeenkomst over Invloed van nieuwe technologie op werk en inkomen in de toekomst, of op kennis en kennisoverdracht. Komt u ook?