Het onvoorstelbare voorstelbaar maken

12 november 2015

De tijdshorizon van de verkenning over De mens van 2050 ligt ver weg, 35 jaar vanaf nu. Nu weet ik niet hoe oud u of jij bent (ik houd het voor de zekerheid even op u), maar de kans is groot dat u 35 jaar geleden nog niet bestond: ongeveer de helft van de mensen die nu op aarde rondlopen, was in 1980 nog niet geboren. Mobiele telefoons waren er trouwens ook nog niet: de eerste versies voor consumenten kwamen pas in 1983 op de markt.

Videorecorders en magnetrons waren destijds al wel te koop en 35 jaar geleden werd ook de eerste personal computer voor thuis gelanceerd. Jan Modaal en Dunya Doorsnee deden het waarschijnlijk nog even zonder. Zij hadden naar alle waarschijnlijkheid ook geen idee van de mogelijkheden van het (toen nog niet voor consumenten beschikbare) internet. Dat geldt overigens niet minder voor ICT experts uit die tijd. Op datzelfde internet zijn vele uitspraken van experts te vinden over de toekomst van computers en internet die de plank volledig mis slaan. Uit onderzoek blijkt zelfs dat experts gemiddeld genomen slechter de toekomst voorspellen dan de gewone mens.

Niet voorspelbaar, wel voorstelbaar

Bij STT pretenderen we ook niet dat wij de toekomst wél kunnen voorspellen. We houden ons bezig met het verkennen van mogelijke toekomsten. We geven geen garanties dat de werkelijkheid daar tussen zit. De ervaring leert wel dat er altijd wel een deel van de toekomstbeelden uitkomt, maar van te voren weten we niet welk deel en ook niet wanneer.

Waarom dan toch toekomstverkennen vraagt u zich wellicht af? In de toelichting op het project  heb ik daar al iets over gezegd (iets met je verdiepen in, en meer oog krijgen voor). Het is een voorbeeld dat ik heb overgenomen van Patrick van der Duin, lector Futures research & Trendwatching aan de Fontys Hogeschool. Zijn lectorale rede bevat nog veel meer argumenten voor het doen van toekomstverkenningen.

Maar goed, het precies voorspellen van de toekomst mag dan onmogelijk zijn, het is ook niet makkelijk om een voorstelling te maken van wat zou kunnen zijn. In deze verkenning gaan we het toch proberen. Om ons voorstellingsvermogen te helpen, gaan we onder meer gebruik maken van ideeën uit sciencefiction films.

Sciencefiction als bron van ideeën

Voor wie nu vreest dat dit een verkenning vol buitenaardse wezens en ruimtereizen wordt, ik kan u gerust stellen. De term sciencefiction is ooit in het leven geroepen om wetenschappelijke inzichten te populariseren. Goede sciencefiction heeft dan ook een stevige wetenschappelijke basis en zit boordevol interessante ideeën. Sommige van die ideeën zijn inmiddels zelfs realiteit geworden, zoals lopende robots, kunstmatig intelligente systemen en zelfherstellende materialen. Niet in het minst vanwege de inspirerende werking die uitgaat van veel sciencefiction films.

Goede sciencefiction zet bovendien aan tot nadenken over vragen die te maken hebben met nieuwe technologie in de maatschappij. Wat zijn mogelijke voor- en nadelen? Geldt dat voor iedereen? Wat zou er kunnen gebeuren als er misbruik van wordt gemaakt?

Neem bijvoorbeeld de film Gattaca, over een toekomst waarin op basis van een DNA-test bij de geboorte wordt besloten wat iemand later wel of niet mag worden. Een film boordevol uitdagende ideeën en relevante vragen. Maar er zijn veel meer films die ideeën en vragen bevatten die interessant zijn voor deze verkenning.

In mijn volgende blog zal ik er een paar bespreken. Welke films of filmfragmenten we uiteindelijk gaan gebruiken in het project, bepaal ik in overleg met de stuurgroep. Voorzitter van die stuurgroep is Maarten Verkerk, bijzonder hoogleraar reformatorische wijsbegeerte, sciencefiction liefhebber en co-auteur van een filosofieboek over de The Matrixéén van de bekendste sciencefiction films ooit.

Als u ideeën heeft voor films die we in overweging zouden moeten nemen, dan hoor ik het graag!

Vind je dit interessant? Lees dan ook het blog van Futurista over sciencefiction!