‘AI: de realiteit van vandaag en de belofte van morgen’

18 juni 2019

De toekomstverkenning Artificiële Intelligentie (AI) is inmiddels een half jaar ‘op stoom’. Achter de schermen wordt hard gewerkt aan de eerste resultaten: een website gebaseerd op een uitgebreide literatuurstudie en expertinterviews over wat AI is, hoe het werkt, wat de mogelijkheden zijn en hoe het zich verhoudt tot menselijke intelligentie. Volgens projectleider Rudy van Belkom is het doel van de website een zo volledig mogelijk beeld te schetsen over AI, nu en in de toekomst. De website gaat binnenkort live.

Om tot een goed uitgebalanceerde toekomstverkenning te komen, vraagt de projectleider input van een groot aantal deskundigen. Een aantal van hen zijn verenigd in een denktank. Voorzitter van de denktank AI is Maria de Kleijn-Lloyd, Senior Vice President Analytical Services bij Elsevier.

We moeten ‘iets’ met AI

Maria: ‘De afgelopen jaren zijn de beschikbaarheid van data en de rekenkracht exponentieel toegenomen. AI is de realiteit van vandaag en de belofte van morgen. Het verandert hoe we leven en werken. We moeten als samenleving dus “iets” met AI. Uit onderzoek dat Elsevier eind 2018 uitvoerde, bleek dat verschillende delen van de samenleving – media, onderwijs, wetenschap en industrie – zeer verschillend praten en dus denken over AI. We begrijpen elkaar dus niet altijd. Dan moeten we oppassen voor overtrokken conclusies zoals “computers nemen de wereld over”. Zo zie ik dat niet. Ik kan me wel voorstellen dat mensen die angst hebben. Dat zie je vaker als het over techniek gaat. Het ontwikkelt zich snel en de maatschappelijke implicaties zijn vaak pas gaandeweg duidelijk. Daarbij: we accepteren weinig fouten van iets wat niet door mensen is gedaan. Maar mensenwerk is ook niet perfect. Ik zie AI als een belangrijke ontwikkeling om veel beter te kunnen analyseren. Hoe kun je inzichten vinden door de computer met grote hoeveelheden data te laten werken, hoeveelheden die voor mensen niet te bevatten zijn en waar de computer verbanden vindt in die data die mensen niet hadden voorzien. En hoe gaan we vervolgens als mensen om met de door de computer voorgestelde inzichten.’

Kan AI besluitvorming sturen

De STT-verkenning Artificiële Intelligentie richt zich vooral op besluitvorming. Dan rijst de vraag hoe AI besluitvorming kan sturen. ‘Er is zoveel data en computers kunnen zaken overnemen waar mensen geen tijd voor hebben om uitgebreid over na te denken. Dan gaat het vaak om repeterende, routinematige beslissingen. En dan komt die angst weer terug: stel dat het om grote beslissingen gaat en het systeem maakt een fout of er ontstaan onbedoelde effecten… Het is daarom belangrijk om te onderzoeken hoe je dit als mens op een goede manier kunt begeleiden. Natuurlijk moet het niet zo zijn dat we alle data in een computer stoppen, op een knop drukken en vervolgens blind varen op de output. Niemand die in deze wereld werkzaam is, zal dit ooit zo doen.’

Ethiek versus technologische mogelijkheden

Bij het toepassen van Artificiële Intelligentie speelt ethiek en het feit of alles wat technisch kan ook maatschappelijk acceptabel is, een belangrijke rol. ‘Er is een verschil tussen “kan het technisch” en “moeten we het willen”. Een groot deel van de discussie over AI en ethiek gaat over die vraag. Bijvoorbeeld, de groei van geautomatiseerd datagebruik kan leiden tot groter gemak en betere medische diagnoses, maar er luiden ook alarmbellen rondom privacy, verlies van zelfbeschikking, manipulatie, verlies van banen en polarisatie van de samenleving.

Technologie ontwikkelt zich nu door, op een eigen tempo en dat wil niet zeggen dat de mens daar al aan toe is. Kijk naar de zelfsturende auto’s. De eisen die we daaraan stellen, zijn anders dan de eisen die we aan “gewone” auto’s stellen. In het dagelijkse verkeer is iedereen eraan gewend dat er af en toe ongelukken gebeuren. Toen de zelfsturende auto van Google een ongeluk kreeg, waren de rapen gaar. Dus meten we ook een beetje met twee maten. Tegelijkertijd, op het moment dat je het rijden en nemen van beslissingen aan de auto overlaat, destilleer je alle menselijke overwegingen in een algoritme. Dan maak je allerlei dingen expliciet die voorheen impliciet waren en neem je in feite een veel grotere beslissing. En dat zet de discussie, terecht, op scherp. ’

Discussie starten

Op de vraag wat Maria de Kleijn van deze verkenning verwacht, antwoordt ze: ‘Ik heb een hoop. Dat is dat we op basis van een realistische toekomstverkenning echt de discussie in de maatschappij kunnen hebben over de maatschappelijk gewenste toekomst van AI. Dat we met elkaar praten over de vraag wat we willen, op basis van wat er kan. Ik merk namelijk dat die discussie moeilijk is. Het schiet alle kanten uit. Robocop-achtige implementaties van AI in Hollywood, de verhalen dat alle banen verdwijnen, mensen die AI het ultieme vinden… Daar kom je als burger niet uit. Ik hoop dat we op basis van een realistische toekomstverkenning, de samenleving kunnen helpen een goede AI-toekomst te formuleren, zodat we ons daar ook op kunnen voorbereiden. Als dat lukt, ben ik heel erg tevreden.’